banner7

Welke versterker

Ik krijg regelmatig de vraag welke versterker men moet gebruiken voor een specifieke luidspreker. Deze vraag is op zich nog best lastig te beantwoorden daarom deze maand in Live sound: hoeveel watt voor welke speaker.

Vermogen:
Op nagenoeg ieder speakersysteem staat vermeld hoeveel vermogen dit systeem nodig heeft om maximaal vermogen te geven. Vaak wordt er gedacht dat men dit toch niet nodig heeft omdat het ook met de helft aan vermogen kan (“zo hard hoeft het helemaal niet”). Dit is een foute benadering. Sluit een speakersysteem altijd aan op een versterker die minimaal het vermogen kan leveren dat het systeem vraagt. Mocht in geval van underpower een onverlaat per ongeluk toch de knop even helemaal open zetten dan betekent dit vrijwel zeker het einde van het luidsprekersysteem. Niet omdat de speakers zijn “opgeblazen” maar omdat de versterker een zogenaamde blokgolf heeft afgegeven.

Sinus & blokgolf:
Geluid bestaat normaal gesproken uit een sinus. Naar gelang het vermogen is deze groter (hoger) danwel kleiner. Dit noemen we de amplitude. Op het moment dat de versterker niet kan voldoen aan de vraag (het systeem vraagt bijvoorbeeld 500 watt en de versterker kan maar 250 watt leveren) dan gaat de versterker clippen. Dit betekent dat de boven en onderzijde van de sinus plat word. Aangezien een speaker de golf van de sinus volgt (als de sinus op zijn peak is gaat de luidspreker naar voren en als bij de onderzijde van de sinus gaat de luidspreker naar achteren). Indien de versterker gaat clippen dan volgt de luidspreker keurig de sinusgolf met dien verstande dat de luidspreker in de voorste en achterste positie heel even stil blijft staan. Aangezien een speaker erg onrendabel is wordt deze relatief warm. Doordat de speaker in de uiterste positie’s niet meer beweegt word de speaker ook niet meer gekoeld. Na verloop van tijd betekent dit dat de spoel van de speaker verbrand. Dit is de reden dat de versterker altijd meer vermogen beschikbaar moet hebben dan het speakersysteem vraagt. Uiteraard moet je hier wel een balans in vinden. Indien de versterker 10x het vermogen van het systeem gaat geven zou dit betekenen dat de speaker dermate ver naar voren wordt geduwd dat de spoel uit de luchtspleet schiet waardoor de speaker acuut vastloopt.

Wat is RMS vermogen:
Op speakers staat meestal vermeld dat deze een bepaald rms vermogen kunnen verwerken. Dat is het vermogen wat het systeem continue kan verwerken. In sommige gevallen wordt dit ook wel omschreven als program power. De speaker heeft echter ook een peak power. Dit is meestal het dubbele of meer van het rms vermogen. Kies dus altijd voor een versterker die het dubbele van het rms of program vermogen van de luidspreker kan leveren.

Impedantie:
Let bij de keuze voor een versterker altijd goed op bij welke impedantie de versterker het vermogen kan leveren. Nagenoeg altijd vermeldt de fabrikant van de versterker het vermogen bij een impedantie van 4 ohm terwijl luidsprekersysteem heel vaak een impedantie hebben van 8 ohm. Kort door de bocht kun je er vanuit gaan dat wanneer het opgegeven vermogen van de versterker bij 4 ohm bijvoorbeeld 500 watt is dat deze halveert bij 8 ohm (250 watt). Indien je per kant twee luidspreker wilt voeden met dezelfde versterker en beide luidsprekers hebben een RMS van 250 watt dan betekent dit concreet dat de versterker in dat geval minimaal een vermogen van 500 watt (vermogens kun je dan optellen) bij 4 ohm moet kunnen leveren (indien je twee luidsprekers parallel zet dan halveert de impedantie uitgaande van twee luidsprekers met dezelfde impedantie). Wil je in dit voorbeeld ook nog een goede marge inbouwen om clippen te voorkomen dan dien je een versterker toe te passen van minimaal 1000watt bij 4 ohm.

Zoals je ziet is het best nog wel even rekenen om de juiste versterker voor de betreffende luidspreker te vinden. Zoals in het artikel naar voren komt is het grootste gevaar clippen van de versterker met verbrande spreekspoelen tot gevolg. Daarnaast is het goed om inzicht te hebben in wat er gebeurt als je twee luidsprekers parallel aansluit en wat voor gevolgen dit heeft voor de keuze van de versterker.